Wat is meertaligheid?
We spreken van meertaligheid wanneer een kind twee of meer talen gebruikt of hoort. Kinderen kunnen deze talen op verschillende manieren en in verschillende mate beheersen.
Het is normaal dat een kind de ene taal beter spreekt dan de andere. Dit kan bijvoorbeeld afhangen van de persoon met wie het kind praat, de omgeving waarin een taal wordt gebruikt en hoeveel ervaring het kind met een taal heeft.
Ook kan een kind woorden uit verschillende talen door elkaar gebruiken. Dit noemen we “codewisseling”. Dit is een normaal onderdeel van meertalige communicatie en betekent niet dat een kind de talen door elkaar haalt omdat het in de war is.
Wanneer kan er sprake zijn van een taalprobleem?
Bij meertalige kinderen kijken we altijd naar de totale taalontwikkeling. Het is bijvoorbeeld belangrijk om te kijken naar alle talen die het kind gebruikt en begrijpt.
Een meertalig kind met een taalprobleem kan bijvoorbeeld:
- Moeite hebben met het begrijpen van taal
- Moeite hebben met het leren van nieuwe woorden
- Weinig woorden gebruiken in de verschillende talen
- Moeite hebben met het maken van zinnen
- Moeite hebben met het vertellen van een verhaal
- Vaak moeite hebben om duidelijk te maken wat het bedoelt
- Moeite hebben met gesprekken en het volgen van instructies
- Vergelijkbare problemen laten zien in meerdere talen.
Een beperkte woordenschat in één taal betekent dus niet automatisch dat er sprake is van een taalprobleem. Het is belangrijk om de taalontwikkeling in de context van alle talen en de omgeving van het kind te bekijken.
Welke taal kunnen ouders het beste spreken?
Ouders kunnen het beste de taal of talen spreken waarin zij zich prettig en vrij kunnen uitdrukken. Een rijke en natuurlijke taalomgeving is belangrijker dan het spreken van slechts één taal.
Ouders hoeven hun thuistaal daarom niet te vervangen door het Nederlands. Juist door thuis veel met het kind te praten, samen te spelen, te lezen en verhalen te vertellen, krijgt het kind volop mogelijkheden om taal te ontwikkelen.
Het belangrijkste is dat een kind veel betekenisvolle gesprekken en taalrijke momenten ervaart.
Wat doet de logopedist?
Bij een meertalig kind kijkt de logopedist naar de taalontwikkeling als geheel. We bespreken bijvoorbeeld welke talen het kind hoort en spreekt, met wie de talen worden gebruikt en hoe de taalontwikkeling in de verschillende talen verloopt.
Waar mogelijk betrekken we informatie over alle talen van het kind bij het onderzoek. Soms is hierbij de hulp van ouders, een tolk of een andere meertalige professional nodig.
De behandeling wordt afgestemd op de behoeften van het kind. We kunnen bijvoorbeeld werken aan woordenschat, zinsbouw, taalbegrip of het vertellen van verhalen. Daarbij zoeken we naar manieren waarop ouders thuis de taalontwikkeling kunnen ondersteunen.
Het doel is niet om een kind één van zijn talen af te leren. Alle talen van een kind mogen er zijn. We willen juist helpen om de communicatie en taalontwikkeling zo goed mogelijk te ondersteunen, zodat het kind zich thuis, op school en in andere situaties kan ontwikkelen.
Meertalig opgroeien is een kracht en geen probleem. Wanneer een kind toch moeite heeft met taal, is het belangrijk om goed te kijken naar de ontwikkeling in de volle breedte. Zo kunnen we passende ondersteuning bieden die aansluit bij het kind en zijn of haar meertalige omgeving.
Meer weten of een afspraak maken?

